Brandade van Kabeljauw

4 personen:
600 gr kabeljauw
1 l volle melk
grof zeezout 
4 grote polderaardappelen
1 venkel
2 x steranijs
3 laurierblaadjes
1 lookteen
olijfolie
peper & zout 
peterselie
Griekse basilicum
Stokbrood

Bereiding:
Droogpekelen: grof zeezout in een schaal en de vis met de velzijde naar beneden doen. Daarna omwentelen, zodat je de vis met het zout bedekt. Dek af met plasticfolie en zet de vis in de koelkast (1u).
Maak de venkel schoon. Plet de lookteen. Warm de melk op, net tot aan het kookpunt met de venkel in stukken, de steranijs, de laurierblaadjes en de lookteen. 
Schild de polderaardappelen, snijd ze in kleine stukken (of pureer ze) 
Na een uur haal je de vis uit de koelkast en spoel je het zout af. Voeg de vis toe aan de warme melk, zet op een licht vuur, zo’n 15 minuten.
Haal de gegaarde vis uit de pan, ontdoe deze van zijn vel, snijd in stukken en voeg samen met de aardappelen.
Prak alles door elkaar met de handen om zo eventueel graten te ontdekken. Voeg er wat paprikapoeder aan toe. Ook peper en zout indien nodig. Serveer de brandade in een schaal. Werk af met peterselie en Griekse basicilum.
Je kan de brandade met brood eten, indien gewenst met een fris slaatje.

01 feb

Kabeljauw, maar dan anders ...